Omschrijving (toelichting)
Opvolging aanbevelingen Rekenkamer Zeeland
De Rekenkamer Zeeland voert onafhankelijk onderzoek uit naar de doeltreffendheid, doelmatigheid en rechtmatigheid van het door de Provincie Zeeland gevoerde beleid. Per jaar worden een of meerdere onderzoeken gedaan, waar schriftelijk over wordt gerapporteerd. Deze rapportages bevatten vaak ook aanbevelingen.
In deze paragraaf wordt per onderzoek van de Rekenkamer Zeeland gerapporteerd over de opvolging van de gedane aanbevelingen. Dit is overeenkomstig artikel 186a van de Provinciewet, waarin gesteld wordt dat Gedeputeerde Staten hierover jaarlijks een overzicht aan Provinciale Staten toezenden (inclusief standpunt daaromtrent en de wijze waarop aan de aanbevelingen vervolg is gegeven).
Artikel 186a van de Provinciewet is per 2023 in werking getreden. Op basis hiervan is in de jaarstukken een toelichting gegeven over de openstaande aanbevelingen per begin van het boekjaar, alsook over de aanbevelingen die gedurende het boekjaar door de Rekenkamer Zeeland worden voorgesteld.
Omgevingsparticipatie
Hoofdvraag
Op welke wijze en hoe effectief betrekt de Provincie Zeeland de omgeving in het tot stand komen van beleid en de uitvoering daarvan?
Aanbeveling 1
Geef Gedeputeerde Staten opdracht om, voor zover dat nog niet is gebeurd, het doel van het participatiebeleid te koppelen aan een planning en te specificeren hoe dat zal worden bereikt. Onderdeel hiervan moet het opstellen van een Participatieverordening te zijn, die Provinciale Staten uiterlijk op 1 januari 2027 vaststelt.
Stand van zaken per 31-12-2025
De ambtelijke organisatie stelt in 2026 de Participatieverordening op.
Aanbeveling 2
Geef Gedeputeerde Staten opdracht om de uitvoering van het participatie-beleid te borgen in de Provinciale organisatie.
Stand van zaken per 31-12-2025
De actuele (beleids)documenten over (omgevings)participatie zullen in 2026 door de afdeling communicatie op intranet voor de collega’s raadpleegbaar zijn, waarmee een inhoudelijke borging plaatsvindt.
Aanbeveling 3
Geef Gedeputeerde Staten opdracht om:
- Ervoor te zorgen dat er een overzichtelijk beeld ontstaat van participatietrajecten, dat eenvoudig is te raadplegen.
- Een kader met evaluatiecriteria op te nemen in het beleid.
- Het beleid over omgevingsparticipatie te monitoren en te evalueren.
- Verder te bouwen aan het Zeeuws kennisplatform over participatie binnen Denktank Zeeland en het ontsluiten van monitoring en evaluatie over participatie in Zeeland op dat platform.
Stand van zaken per 31-12-2025
De afdeling Communicatie en het Programma Samenleving overleggen in 2026 met de leverancier van het digitaal participatieplatform overlegd of en zo ja, op welke wijze dit platform ook te gebruiken is voor monitoring, overzicht en het uitwisselen van inhoudelijke kennis en expertise.
Aanbeveling 4
Geef Gedeputeerde Staten opdracht om:
- Alsnog voor Provinciale Staten de in 2023 aangekondigde informatiesessies over participatie instrumenten te organiseren.
- Het overkoepelend doel voor omgevingsparticipatie op te nemen in de P&C cyclus van de Provincie Zeeland en actie lijnen uit de Visie op Participatie en het participatiebeleid te vertalen in acties bij dit doel, zodat daarover wordt verantwoord in de jaarstukken.
Stand van zaken per 31-12-2025
In 2026 zal in afstemming met de Statengriffie door de afdeling Communicatie de informatiesessie worden georganiseerd, mogelijk in de vorm van een webinar. Over de vraag of en hoe het onderwerp participatie opgenomen kan worden in de P&C -cyclus en de jaarstukken (of welk alternatief mogelijk is) zal in 2026 overleg moeten plaatsvinden.
Aanbeveling 5
Geef Gedeputeerde Staten opdracht om de lessen vanuit de casuïstiek -voor zover dat nog niet heeft plaatsgevonden- te borgen in het Participatiebeleid van de Provincie Zeeland en deze te betrekken bij criteria voor monitoring en evaluatie van participatieprocessen.
Stand van zaken per 31-12-2025
Voor zover dit nog niet heeft plaatsgevonden en daar waar van toepassing, zal dit t.z.t. betrokken worden bij de eerste actualisatie van het de Nota Participatiebeleid 2025 en/of de ambtelijke Leidraad of Toolbox.
Benutten van Europese middelen
Hoofdvraag
In hoeverre waren randvoorwaarden voor de Provincie Zeeland in de periode 2019 – 2023 aanwezig om succesvol Europese middelen te benutten, blijkend uit casuïstiek en is er gelet op de resultaten sprake van mogelijk onderbenut potentieel (indien meetbaar kwantitatief)?
Aanbeveling 1
Geef Gedeputeerde Staten opdracht om een Zeeuws afwegingskader op te stellen over hoe en wanneer er wel/niet ingezet dient te worden op het benutten van Europese middelen en leg dat voor vaststelling voor aan Provinciale Staten. De good practice uit de provincie Zuid-Holland biedt een voorbeeld.
Stand van zaken per 31-12-2025
De bespreeknotitie voor het afwegingskader is opgesteld in samenhang met de werkgroep verbetering externe oriëntatie van de organisatieontwikkeling en wordt in het eerste kwartaal van 2026 geagendeerd voor bestuurlijke besluitvorming, waarna het proces van besluitvorming naar PS volgt.
Aanbeveling 2
Geef Gedeputeerde Staten opdracht om de Europastrategie te actualiseren, waarbij gebruik gemaakt wordt van de handvatten die volgen uit dit onderzoek.
Stand van zaken per 31-12-2025
Dit staat geagendeerd voor eind 2027 wanneer de nieuwe Europese programmaperiode (2028-2034) van start gaat.
Aanbeveling 3
Gedeputeerde Staten te verzoeken om een voorstel aan te bieden voor voorfinancieringsmogelijkheden – met als goed voorbeeld de voucherregeling bij OP-Zuid – gericht op minder draagkrachtige aanvragers van Europese subsidies. In de voucherregeling kan men deskundige ondersteuning krijgen voor een adequate aanvraag van Europese subsidies.
Stand van zaken per 31-12-2025
Dit nemen we mee in de nieuwe Europastrategie voor de programmaperiode 2028-2034. (zie aanbeveling 2). Wanneer het voorstel t.z.t. wordt aangenomen, zullen in de begroting vanaf 2028 tot 2034 middelen voor deze voucherregeling opgenomen moeten worden.
Aanbeveling 4
Geef Gedeputeerde Staten opdracht om zich in te spannen voor een Zeeuws breed subsidieteam dat dient als landingsplaats voor informatie-uitwisseling en afstemming over en stimulering van projectideeën en voorstellen.
Stand van zaken per 31-12-2025
Dit hebben we gerealiseerd. Het Zeeuws subsidieteam komt ongeveer 2 keer per jaar samen.
Aanbeveling 5
Geef Gedeputeerde Staten opdracht om de jaarlijkse monitoring naar een hoger niveau te brengen met daarbij aandacht voor streefwaarden, de cofinanciering die door de Provincie bijgedragen wordt aan Zeeuwse projecten en de juistheid van gegevens. Agendeer de monitoringsrapportage jaarlijks in de commissie Bestuur.
Stand van zaken per 31-12-2025
De verbetering van de monitoring hebben we opgepakt. We hebben een online monitoring instrument ingericht dat intern door medewerkers kan worden geraadpleegd. De bedoeling is dat dit instrument op termijn ook extern toegankelijk wordt, waarbij nog zorgvuldig wordt gekeken naar de voorwaarden in het kader van de AVG. Deze rapportages zijn na het rekenkamerrapport ook uitgebreid met de bedragen van cofinanciering die onze organisatie aan externen verleend voor EU-projecten. We werken nog aan het beter inventariseren en inzichtelijk maken van Europese middelen die in onze organisatie zelf landen. De monitoring is op veel vlakken verbeterd, maar er worden nog steeds slagen gemaakt.
Aanbeveling 6
Geef Gedeputeerde Staten opdracht om één keer per zeven-jaarlijkse EU-periode het Provinciale beleid gericht op het benutten van EU-programma’s (toepassing afwegingskader en strategie) te evalueren en Provinciale Staten de resultaten daarvan toe te sturen.
Stand van zaken per 31-12-2025
De Midterm review hebben we in 2025 aangeboden en is behandeld.
Risico’s bij samenwerking
Hoofdvraag
Heeft de Provincie Zeeland zicht en grip op de risico’s bij majeure samenwerkingsverbanden waarin zij deelneemt?
Aanbeveling 1
Laat periodiek op de Statenvergadering het ‘integrale risicobeeld’ ter bespreking agenderen.
Stand van zaken per 31-12-2025
In de Statenvergadering van 8 april 2025 is het geactualiseerde risicomanagement beleid vastgesteld. Op basis hiervan zijn de aanbevelingen geïmplementeerd. Stads- en Streekvervoer over de weg
Hoofdvraag
Was het stads- en streekvervoer in Zeeland vanaf maart 2015 optimaal vraaggericht, verbindend, maatschappelijk toekomstgericht en duurzaam en welke lessen kunnen we op grond hiervan te trekken voor een mobiliteitsnetwerk in Zeeland?
Aanbeveling 1
De Rekenkamer beveelt aan dat Provinciale Staten aan Gedeputeerde Staten opdragen om expliciet jaarlijks te laten rapporteren over de resultaten van het gevoerde beleid. Gedacht kan worden aan een bespreeknotitie ter behandeling in een Statencommissie.
Stand van zaken per 31-12-2025
Het punt, bespreeknotitie, is geëffectueerd en met een aanbiedingsbrief ingebracht in de Commissie Economie van mei 2025. Landbouwtransitie in Zeeland
Hoofdvraag
In hoeverre werden in de periode 2017 t/m 2021 de provinciale doelen met betrekking tot landbouwtransitie in Zeeland gerealiseerd en hoe effectief was daarbij de rolinvulling door Provinciale Staten en Gedeputeerde Staten?
Aanbeveling 1
Betrek monitoring en evaluatie nadrukkelijk bij de uitvoering van voorgaande aanbeveling en verzoek Gedeputeerde Staten bij monitoring en evaluatie de handvatten te gebruiken die zijn te herleiden uit het onderzoek van de rekenkamer.
Stand van zaken per 31-12-2025
De aanbevelingen van de Rekenkamer inzake landbouwtransitie, te weten het beter betrekken van Provinciale Staten en het beter formuleren van doelen zijn opgevolgd. In 2025 hebben we het Uitvoeringsprogramma Landelijk Gebied, waarin het landbouwbeleid is vervat, herzien. Deze herziening is met Provinciale Staten besproken middels een info sessie en de reguliere P&C-cyclus. Daarnaast hebben we in het beleidsdocument meer concrete doelen en activiteiten opgenomen.
Het beleid hebben we ook opgenomen in het Programma Landelijk Gebied en wordt hierdoor meegenomen in de reguliere P&C cyclus. De aanbevelingen van de Rekenkamer hebben we hiermee uitgevoerd. Op basis hiervan hebben we deze aanbeveling geïmplementeerd.
Cyberveiligheid
Hoofdvraag
Wat is het niveau van cyberveiligheid bij de provinciale organisatie, RUD Zeeland, NV Westerscheldetunnel en Westerscheldeferry BV en welke verbeteringen zijn daarin mogelijk wat betreft de doeltreffendheid van beleid?
Aanbeveling 1
Blijf streven naar het voldoen aan de BIO (Baseline Informatiebeveiliging Overheid).
Stand van zaken per 31-12-2025
Begin december 2025 is onze organisatie opnieuw in haar geheel ge-audit. Dit omdat de driejarige geldigheidsduur van het ISO 27001-certificaat in januari 2026 verloopt. We hebben inmiddels een nieuw certificaat ontvangen en voldoen volledig aan de norm én de BIO 2.0. We blijven daar voortdurend actief op, hier is geen einddatum aan te koppelen omdat het een PDCA-cyclus is. Elk jaar wordt hierop een interne en een externe audit op uitgevoerd.
Daarnaast voldoen we aan de Cyberbeveiligingswet voor zover daar de inhoud van bekend is. De wet komt naar verwachting eind dit jaar door de Tweede Kamer.
Aanbeveling 2
Scherp het veiligheidsbeleid van de Provinciale organisatie gericht aan om de weerbaarheid tegen (fysieke) indringers te versterken. Gebruik hiervoor de handvatten die volgen uit het rekenkameronderzoek.
Stand van zaken per 31-12-2025
Deze aanbeveling heeft geleid tot de invoering van de verplichting om de toegangspas zichtbaar te dragen, het aanbrengen van naam en foto op de pas, en het verspreiden van een videoboodschap van de Provinciesecretaris met instructies over de omgang met bezoekers en/of collega’s die geen (bezoekers)pas zichtbaar dragen. Vanuit het beleid is er rapport geschreven: ”Procedure Toegangscontrole, werken in veilige gebieden”.